Pendelmogelijkheden:
Te voet
Per fiets
Met trein / tram / bus
Carpool

Fiscale voordelen

 

Fiets

De eigen fiets

 
Als de werkgever een vergoeding betaalt aan de fietser in het kader van zijn woon-werkverkeer, dan is deze vergoeding vanaf 1 januari 2011 tot €0.21 /km vrijgesteld in de personenbelasting. Sinds kort geldt dezelfde grens voor de RSZ.
 
De werkgever is echter niet verplicht om een vergoeding uit te betalen. Hij kan er ook voor kiezen om een ander bedrag te vergoeden of een limiet op de afstand in te stellen.
 

De bedrijfsfiets

  
Een werknemer betaalt vanaf 1 januari 2009 geen fiscaal voordeel van alle aard meer indien hij voor zijn woon-werkverplaatsingen van zijn werkgever een bedrijfsfiets ter beschikking krijgt. Hij mag de fiets ook voor privé-doeleinden gebruiken. Het belastingvrij voordeel omvat ook de toebehoren en kosten voor onderhoud en stalling.
 
Buiten de gratis ter beschikkingstelling van een bedrijfsfiets mag de werkgever “in cumul” ook nog een belastingvrije fietsvergoeding toekennen van €0,21/ km zoals in de regeling met de “eigen fiets”. Deze bijkomende belastingvrije vergoeding is volgens de memorie van toelichting een compensatie voor vb. bijkomende kosten van kledij. Hierop zijn door de werkgever geen sociale bijdragen verschuldigd tot een maximum van €0,21 / km. Er geldt geen beperking tot een bepaald maximum aantal km per dag. De kosten die een werkgever betaalt om het fietsgebruik voor woon-werkverkeer aan te moedigen mogen voor 120% in aftrek genomen worden. Het betreft volgende kosten:
 
·      Kosten voor het bouwen of verwerven van fietsstallingen;
·      Kosten voor kleedruimtes, sanitair en douches voor personeel dat met de fiets 
       naar het werk komt;
·      Aankoopkosten van een fiets inclusief toebehoren, onderhoud en herstelling.
       Fietsen moeten wel lineair over drie jaar worden afgeschreven;
·      De verhoogde aftrek geldt voor kosten gemaakt vanaf 1 januari 2009.
·      De aftrek van 120% loopt gelijk met kosten die de werkgever maakt in het
        kader van gemeenschappelijk personeelsvervoer.
 
De bovengenoemde regels wijzigen niet indien de terbeschikkingstelling van een bedrijfsfiets en een eventuele fietsvergoeding samen gaat met de terbeschikkingstelling van een bedrijfswagen. Het is wel van belang dat ten minste een (klein) gedeelte van het woon-werkverkeer in dat geval op regelmatige basis met de fiets wordt uitgevoerd.
 
In tegenstelling tot de fiscale wetgeving voorziet de RSZ-wetgeving geen specifieke vrijstelling voor het ter beschikking stellen van een bedrijfsfiets door een werkgever. De RSZ beschouwt het ter beschikking stellen van een bedrijfsfiets die gebruikt wordt voor woon-werkverplaatsingen en/of privé-verplaatsingen aan een werknemer inclusief toebehoren en beschermende kledij, als een voordeel in natura waarop RSZ-bijdragen verschuldigd zijn. Deze bijdragen moeten berekend worden op de reële waarde van dit voordeel. Er gelden geen forfaitaire waarderingsregels voor dit voordeel.
 
Gelet op de fiscale vrijstelling kan worden verwacht dat in de toekomst de RSZ ook hierbij haar regels zal wijzigen naar een RSZ-vrijstelling. Indien de bedrijfsfiets uitsluitend wordt gebruikt voor dienstverplaatsingen zijn geen RSZ-bijdragen verschuldigd.
 
 
 

Openbaar Vervoer

 
Als je een vergoeding ontvangt als tussenkomst voor je trein- of busabonnement of andere kosten in het kader van het gemeenschappelijk openbaar vervoer, dan word je hier in principe niet op belast. Je moet wel zorgen dat je je belastingsaangifte correct invult. Bij het invullen van de aangifte in de personenbelasting heb je steeds de keuze:
 
·      Kiezen voor de forfaitaire aftrek van beroepskosten
·      Beroepskosten bewijzen
 
Als je voor de eerste optie kiest (forfaitaire aftrek), dan heb je recht op een vrijstelling op de vergoeding die je ontvangt als werkgeverstussenkomst op het openbaar gemeenschappelijk vervoer. Je moet het bedrag op je aangifte in de personenbelasting invullen onder rubriek 1254-07/2254-74 (dit staat op je fiscale fiche), maar ook onder rubriek 1255-06/2255-73 (dit is de vrijstelling).
 

Forfaitaire vrijstelling voor andere vervoermiddelen

 
Indien je niet met het openbaar vervoer of met het door de werkgever georganiseerd gemeenschappelijk vervoer naar het werk komt, maar bijvoorbeeld alleen met de eigen wagen, dan heb je nog recht op een forfaitaire vrijstelling van €350 (belastingaangifte 2010 en 2011). Dit bedrag moet je echter invullen in rubriek 1255-06/2255-73 van je aangifte. Dit staat niet vermeld op je fiscale fiche. Deze vrijstelling kan NIET gecombineerd worden met het bewijzen van beroepskosten.
 

Carpoolen

Ook als je carpoolt, word je door de fiscus beloond. De voorwaarden zijn echter vrij complex. Meer uitleg vind je daarom in de handleiding van Taxistop. Hieronder volgt de beknopte weergave. Net als openbaar vervoergebruikers moet je volgende keuze maken:
 
·      Kiezen voor de forfaitaire aftrek van beroepskosten
·      Beroepskosten bewijzen
 
Als je voor de eerste optie kiest, dan word je vrijgesteld van de vergoeding die je ontvangt van je werkgever, onder enkele voorwaarden:
 
·      Er bestaat een carpoolreglement in je bedrijf of sector
·      Je ondertekent jaarlijks een verklaring
·      Je werkgever controleert regelmatig
·      Je fiscale fiche wordt correct ingevuld (vergoeding onder rubriek “16B”
       gemeenschappelijk georganiseerd vervoer).
·      Je vult je aangifte correct in: Het bedrag dat je ontvangt, moet ook ingevuld
       worden onder rubriek 1255-06/2255-73 (vrijstelling). Het vrijgestelde bedrag
       mag echter niet groter zijn dan de prijs van een weekabonnement trein 1ste
       klasse, voor hetzelfde traject, vermenigvuldigd met het aantal gecarpoolde
       weken. In de praktijk wordt deze limiet zelden gehaald.
 
Als niet aan al deze voorwaarden kan voldaan worden, dan kan je toch nog van het fiscaal voordeel genieten, als je kan bewijzen dat je hebt gecarpoold, door bijvoorbeeld betalingsbewijzen van vergoeding aan de chauffeur te tonen.
 
Ook carpoolen met je bedrijfswagen heeft voordelen. Normaal word je belast op het voordeel in natura dat je hebt door deze wagen. Dit is een forfaitair bedrag. Als je carpoolt, en je voldoet aan bovenstaande voorwaarden, dan wordt je hier gedeeltelijk of volledig van vrijgesteld. Als je ervoor kiest om beroepskosten te bewijzen, dan mag je ook als passagier €0.15 / km inbrengen. Zelfs als dit gaat om een fictief bedrag. De passagier heeft echter wel een limiet: 100 km per enkel traject.
Als je je beroepskosten bewijst, dan heb je wel niet langer recht op de vrijstelling. Je beroepskosten bewijzen is interessant als aan volgende voorwaarde voldaan wordt: (aantal jaarlijkse woon-werkkilometers x €0.15 ) > (forfaitaire beroepskost + vergoeding woon-werkverkeer).
 
 
 
 
 
 
 
Bron: Mobimix
 
 
 

 

Gebruikerslogin